Kledingzwemmen

Een belangrijk onderdeel van het leszwemmen is het kledingzwemmen. Hiermee worden de kinderen voorbereid op situaties die kunnen ontstaan als het kind in de buurt van water is. Per diploma dragen de kinderen meer kleding en de afstand van het kledingzwemmen neemt toe.

Halverwege het semester start het kledingzwemmen. Dit zal altijd aan het begin van de zwemles plaatsvinden. Halverwege de les doen de kinderen de kleding uit en gaat de les verder in badkleding. Om weinig tijd te verliezen aan het omkleden dragen de kinderen de kleding over de badkleding heen.

De inhaallessen zijn altijd zonder kleding.

Diploma A:

Zwemkleding, onderbroek, hemd, korte tot half lange broek met rits of knopensluiting (geen voetbal of ander soort sportbroek), schoenen (geen crocs) met stevige zool, sokken en een T-shirt.

(Doe de kleding over de badkleding heen)

Diploma B:

Zwemkleding, onderbroek, hemd, lange broek met rits of knopensluiting (geen voetbal of ander soort sportbroek), schoenen (geen crocs) met stevige zool, sokken en een shirt met lange mouwen.

(Doe de kleding over de badkleding heen)

Diploma C:

Zwemkleding, onderbroek, hemd, lange broek met rits of knopensluiting (geen voetbal of ander soort sportbroek), schoenen (geen crocs) met stevige zool, sokken en een shirt met lange mouwen en regenjack.

(Doe de kleding over de badkleding heen)

Zwemvaardigheid 1–2–3:

Zwemkleding, onderbroek, hemd, lange broek met rits of knopensluiting (geen voetbal of ander soort sportbroek), schoenen (geen crocs) met stevige zool, sokken, een shirt (met lange mouwen) en vuilniszak.

(Doe de kleding over de badkleding heen)

Survival 1-2:

Zwemkleding, onderbroek, hemd, lange broek met rits of knopensluiting (geen voetbal of ander soort sportbroek), kaplaarzen, sokken en een shirt met lange mouwen en winterjas.

(Doe de kleding over de badkleding heen)

Snorkelen 1–2-3:

Voor het examen van snorkelen 1,2 en 3 is alleen een snorkeluitrusting nodig

Direct aanmelden voor zwemles?